De slag om de Schelde (2020)

De slag om de ScheldeNa De Oost is De slag om de Schelde wederom een ‘belangrijke’ film over recente Nederlandse geschiedenis waar ik vooraf te weinig van wist. Want dat de veldslag uit de titel de grootste oorlogshandeling uit de Tweede Wereldoorlog was (en dus niet Operatie Market Garden (om de brug bij Arnhem te veroveren)), dat was nieuw voor mij. En die slag wordt – na een opvallend maar goed lange ‘introductie’ – ook nog eens erg indrukwekkend in beeld gebracht.
Maar waar De slag om de Schelde in uitblinkt is in het tonen dat oorlog gewoon één grote onmenselijke/anonieme verschrikking is (Nolans Dunkirk lijkt op z’n minst een inspiratie te zijn geweest), die mij in bepaalde scènes ook weer zo pissig maakte, dat ik het bijna eng vond hoeveel ‘haat’ ik in me op voelde borrelen. Want is haat niet juist nodig om zo’n oorlog überhaupt mogelijk te maken..?

Het verhaal
De film opent met een zeer goede ‘openingsanimatie’, waarin het grote belang van de titulaire slag duidelijk wordt: om de Duitse troepen vanuit het westen terug te dringen, moest de route naar de haven van Antwerpen vrij/veilig gemaakt worden. En daarvoor was een ‘vrije’ Schelde onontbeerlijk.

De film gaat echter niet voor de ‘makkelijke’ dramatische verhaallijnen, maar volgt juist de belevenissen van drie jonge karakters. Teuntje (Susan – Kauwboy – Radder) woont in het bijna-maar-toch-nog-lang-niet-bevrijde Zeeland met haar al dan niet collaborerende vader, dokter Visser (Jan – El abrazo de la serpiente, Borgman – Bijvoet) en verzetsbroertje Dirk (Ronald Kalter). Will (Jamie Flatters) is een opportunistische Britse vliegenier die, met z’n zweefvliegtuig onderweg naar Arnhem, op de Zeeuwse eilanden crasht en z’n weg ‘terug’ naar de Geallieerde Canadezen zoekt. En dan is daar nog Marinus (Gijs – De Libi – Blom), die zo sympathiseerde met de Duitsers dat hij zich op z’n 17e al aansloot bij het Duitse leger, maar na een verwonding aan het Oostfront ‘terug’ naar Nederland wordt gestuurd, en in het stadje terechtkomt waar ook Teuntje woont. Verhaallijnen die allemaal genoeg tijd krijgen om (redelijk) interessant te worden, maar dan moeten de historische feiten ook nog door het verhaal verweven worden.
En dat gebeurt vrij ingenieus…

Goede mix (van kunst en kunde)
Ik voel het ook hoor, dat normaliter lage verwachtingspatroon bij Nederlandse films, en dan ineens opveren als een Nederlands ‘product’ gewoon internationale (top)kwaliteit blijkt te bieden. Maar ergens vind ik, dat ik boven die underdog-rol moet staan. Ik wil namelijk niet dat het uitmaakt, uit welk land een film komt. Dus ik probeer te voorkomen deze film ‘extra’ te waarderen, omdat we deze kwaliteit niet gewend zouden zijn van een Nederlandse film. Daarom lijkt de combinatie van Paula – Lucia de B., Tonio, Zus & zo – van der Oest als scenarist en Matthijs – The Thing – van Heijningen Jr. als (actie)regisseur ook erg goed gekozen, want zowel de opzet van het verhaal, als de spanning in (zeker niet alleen de grote actie)scènes komen erg goed samen. De verschillende verhaallijnen worden namelijk goed aan elkaar ‘ge-cliffhanged’, en tussendoor is ruimte voor de drie karakters. En nu had ik wel iets meer focus op hun drijfveren gewild, maar mogelijk is daar bewust voor gekozen: dat oorlog al verschrikkelijk genoeg is, ook zonder extra aangezet/onderbouwd drama.

De slag om de Schelde-recensie: indrukwekkende oorlogsfilm van eigen bodem, over een slag die velen onbekend is en hierna was...

Kwaadmakend
Al blijft – wat mij betreft – Teuntje wel het interessantste karakter, juist omdat zij het meeste ‘lijdt’ van onze drie protagonisten. Waarbij ik dus tijdens (en zeker ook na) de film echt wel wat wilde onderzoeken inzake die heftige woede die zulke films bij mij op kunnen wekken. Want je juist zo ‘makkelijk’ kwaad laten maken, dat levert foute leiders natuurlijk ook makkelijker ‘kanonnenvoer’ op. Natuurlijk is film een uitermate geschikt medium om te polariseren (zet een schofterig lomp karakter neer dat arrogant weg kan komen met dat schofterige onrecht, en je hebt mij kwaad), en mijn hoofd maakte ook links met hoe dit echoot in hedendaags populisme.
Illustratief in dit licht is ook het negatieve lot van Teuntjes vader in de film al wordt voorspeld, omdat hij ‘voor de Duitsers’ werkte. Die (overigens zeer invoelbare) woede tegen zulke collaborateurs is ergens weer een gesimplificeerd gepolariseerde reactie, want mogelijk voelde die vader wel gewoon primair menselijkheid om gewonden te helpen, en niet primair het meer zwart-witte ‘Goed vs Kwaad’? Waarbij hij – in de ogen van mensen die wel verblind raakten/raken door opgewekte woede – dus wel ‘kwaad’ moest zijn. Zeker omdat in een conflict elke kant toch ook denkt aan de goede kant te staan..?

Cast
Voor het grote publiek is het meest opvallende hoofd in de cast dat van Tom Felton, a.k.a. Draco Malfoy in de Harry Potter-films. Ik herkende hem vooral van z’n bijrol in tv-serie The Flash, maar in de bioscoopzaal (!!!) waar ik De slag om de Schelde zag, hoorde ik menig “Oooooooooh, van Harry Potter” (o.i.d.) voorbijkomen, toen hij in beeld verscheen. Mij vielen vooral Susan Radder, Gijs Blom en Jan Bijvoet positief op, terwijl ik de castingkeuze van Marthe Schneider om een rare reden opvallend vond: ik vond haar namelijk bijzonder veel lijken op waarschijnlijk Nederlands’ ‘bekendste’ WOII-persoon: Anne Frank. Totaal irrelevant voor deze recensie, buiten dat ze mijn gedachten dus een kant opstuurde die mij wat afleidde van het verhaal.
Coen Bril viel mij in De Oost al behoorlijk positief op, en in de bioscoopzaal (wat heb ik die gemist!!) zorgde na afloop zijn karakter voor een soort van komische ontlading, toen iemand al de subtitel van het vervolg op deze film had verzonnen: De slag om de Schelde II: Wat er met Henk is gebeurd. Verder zat de film vol met een aantal ‘typisch Duitse koppen’. Dat klinkt mogelijk wat simpel (ik ben opgegroeid in een familie waarin de oorlog – en dientengevolge de afkeer tegen Duitsers – behoorlijk ‘voelbaar’ was; dat heeft zich zeker ook wel ergens diep in mij nog ‘vastgeklonken’), maar dat zorgde er dus wel voor, dat ik nogal dramatisch dacht dat ik het in zo’n oorlog amper vijf minuten zou volhouden. Omdat ik me voorstel dat als ik in bijvoorbeeld Marinus’ schoenen zou staan, ik waarschijnlijk snel m’n geweer richting één van m’n superieuren had gericht. Al moet ik me natuurlijk ontzettend gelukkig prijzen, dat ik (nog) nooit in zo’n situatie terecht ben gekomen, en totaal niet weet hoe ik zou reageren dan…

Final credits
De slag om de ScheldeJa, De slag om de Schelde is dus best indrukwekkend, als je ziet wat ik er allemaal over wil typen. Daarnaast is de film ook erg indrukwekkend gemaakt, mede door Van Heijningen Jr.’s opgedane Hollywood-ervaring (die snoeiharde lichtsporen van kogels deden me een paar keer lichtelijk wegduiken in m’n veel te luxe Pathé-bioscoopstoel), en ook doordat er voor Nederlandse begrippen enorm veel budget was. Een deel van het budget kwam overigens van het potje ‘75 jaar vrijheid‘, dat vorig jaar groots gevierd had moeten worden.
Maar aan de ene kant miste ik dus wat extra drama, terwijl dat ergens ook een positief punt aan de film is. Want doordat je – zeker in het begin – niet goed door hebt wie nu wie is, moest ik ook aan Louis-Ferdinand Céline’s cynisme uit Reis naar het Einde van de Nacht denken: dat mensen in oorlogstijd vaak slechts poppetjes zijn, die tegen elkaar kunnen worden afgevinkt door degenen die de leugens verzinnen waarmee de strijd wordt gerechtvaardigd. Mijn idealistische hoop na afloop van deze film was dan ook: “Misschien moeten we gewoon maar alle dodelijke wapens verbieden, want mensen (ik ook?) zijn té makkelijk zó hard tegen elkaar op te hitsen, dat elkaar doden zo moeilijk mogelijk gemaakt moet worden…

IMDb: https://www.imdb.com/title/tt10521092