Too Big to Fail (2011)

17 januari 2012

Na het zien van Inside Job maar zeker ook Margin Call wist ik dat ik de TV-film Too Big to Fail ook a.s.a.p. moest zien, en gelukkig was dat gisteravond ’t geval. En ook al is de film vooral een reconstructie van hoe de financiële crisis in 2008 begon en komen er zóveel namen (en bijna evenzoveel bekende acteurs) voorbij dat je het maar moeilijk allemaal bij kunt houden, ik vond ’t geweldig interessant om te zien. Zeker ook omdat de film mij duidelijk maakte dat ik mijn mening ook wel iets mag nuanceren…

Ik wil namelijk nogal wel eens fel van leer trekken tegen ‘het systeem’, en Curtis – L.A. Confidential – Hansons Too Big to Fail ondersteunt mijn wantrouwen en kritiek op ons hedendaagse financieel-economische systeem grotendeels ook wel hoor. Het is een wereld waarin illusie op illusie wordt gestapeld, en waarvan de key players echt wel weten hoe fragiel het allemaal is. Vandaar ook de paniek als er iets mis dreigt te gaan.

Maar Too Big to Fail toont via lichte nuances ook hoe het ooit zo ver heeft kunnen komen. In een land waar ze vinden dat vrijheid vooral bestaat uit het niet bemoeien van de overheid met het kapitalistische bedrijfsleven, daar laat deze film ook zien dat men wel wat van die gedachte af heeft moeten stappen. Of zoals ze bij Saturday Night Live ooit terecht opmerkten: “The free market economy? Not so free anymore!”. En natuurlijk weet iedereen met een beetje verstand dat regulering noodzakelijk is, omdat het systeem anders veel te makkelijk gemanipuleerd kan worden door de mensen met macht (lees: “geld”).

Warren Buffet: de ‘wijze oude man’
Wat lichtelijk geruststellend, maar net zo goed alarmerend was om te zien, is dat vrijwel alle grote namen in de financiële wereld op een gegeven moment advies wilden van Warren Buffet, omdat hij zo gruwelijk rijk is. Hij is echter ook een investeerder die vrijwel altijd op safe speelt (dus geen behoefte heeft aan risicovolle investeringen) en fel gekant is tegen de bonuscultuur. Ook heeft hij bekendgemaakt dat 99% van z’n totale vermogen na z’n dood naar goede doelen moet gaan (dan blijft er nog altijd zeker een half miljard over voor z’n kinderen hoor). Daarnaast heeft hij eind 2011 een wetsvoorstel opgesteld waarmee de kracht van de (financiële) lobby’s in Washington aan banden kan worden gelegd en is hij een voorstander van belastingverhoging voor de allerrijksten, iets wat door Republikeinen nog altijd wordt tegengehouden. Het geruststellende is dat men dus bij zo’n wijze oude man te rade ging; het alarmerende is dat ik zo’n wijsheid ook graag in de Amerikaanse regering zou zien…

Henry Paulson
Maar terug naar de film, die zich vooral concentreert op het handelen van de Amerikaanse minister van Financiën onder Bush: Henry Paulson. Als voormalig CEO van Goldman Sachs (één van de grootste ‘boeven’, met hun actieve handel in ‘crappy’ CDO’s en derivatives) lijkt hij zeker niet geheel onafhankelijk, alhoewel deze film hem wel iets vrijpleit. De film volgt hem (een Golden Globe-genomineerde rol van William Hurt, btw) en z’n staf (ook allen ex-Goldman Sachs, in de film ook wel ‘Government Sachs’ genoemd) tijdens het dreigende omvallen van Lehman Brothers in september 2008. Omdat er zoveel informatie en zaken behandeld moeten worden is er niet echt tijd voor karakterontwikkeling, maar als ik eerlijk ben vond ik dat ook niet zo erg. Ik vond het vooral interessant te zien hoe hij toch wel geraakt was door wat er allemaal gebeurde. Daarnaast doet hij in de film een aantal uitspraken die ik eufemistisch “verrassend” zou kunnen noemen…

Alarmerende doemscenario’s
De reden dat deze film nogal aan kwam bij mij is namelijk dat Paulson in de privacy van z’n huis (waar hij logischerwijs op z’n eerlijkst is) tegen z’n vrouw een soortgelijk doemscenario schetst van wat er kon gebeuren als de financiële wereld in zou storten als wat er wel eens in mijn hoofd voorbij komt. Op het moment dat hij zei dat als ze in dat weekend geen oplossing zouden vinden, dat de economie dan compleet in zou storten, en dat er dan binnen twee weken al geen melk meer in de supermarkten te krijgen zou zijn, appelleerde dat behoorlijk aan mijn meest negatieve gedachten over de eventuele gevolgen van die crisis, die overigens nog lang niet voorbij is. Als ik zoiets zelf denk kan ik het nog wel eens afdoen als ‘over-dramatiseren’ o.i.d., maar als je dat de man hoort zeggen die – als het goed is – de meeste informatie over de situatie heeft, dan is dat behoorlijk beangstigend. Evenals de melding van de Chinese minister van financiën dat z’n Russische collega hem telefonisch voorstelde om flink wat Amerikaanse obligaties op de markt te dumpen. De Amerikaanse overheid heeft namelijk grote schulden bij Rusland, China, Saoedi-Arabië, etc., en zo’n actie zou desastreus zijn geweest in die periode. De Chinese minister had daar geen gehoor aan gegeven, maar met z’n opmerking liet hij wel even blijken dat China en Rusland met een beetje kwade wil in één klap de Amerikaanse economie hadden kunnen elimineren…

Ja, zo hard ging (en gaat?) het er aan toe. Paul Giamatti kreeg voor z’n rol als Ben Bernanke (voorzitter van de Federal Resere (een beetje de Amerikaanse Centrale Bank, maar dan geprivatiseerd)) overigens ook een Golden Globe-nominatie, en dat zal wel betekenen dat Bernanke ook echt zo’n angstige man is. Gelukkig zette hij z’n angst op de juiste momenten in, om zo de CEO’s van de grote investment banks van de noodzaak tot een oplossing te komen te overtuigen…

Topcast
Nu heb ik Hanson, Hurt en Giamatti al genoemd, maar daarnaast komen Matthew Modine, Topher Grace, Billy Crudup, Tony Shalhoub, Bill Pullman, Ed Asner, James Woods en vele, vele anderen ook nog voorbij. James Woods speelt Dick Fuld, CEO van Lehman Brothers, en de film toont ook hoe zijn ego en niet-subtiele gedrag een belangrijk aandeel hadden in het omvallen van z’n bank. Heftig om te zien hoe simpele menselijke karaktertrekken zoveel invloed kunnen hebben…

Zoals je ziet wil ik weer veel te veel typen. En dat komt grotendeels door ’t onderwerp, en een deel ook door de film. Ik vond het fijn dat de film mij liet zien dat ik ook wat beter moet nuanceren, want Paulson wordt in deze zeker niet als bad guy neergezet. Wat wel beangstigend was, is dat hij veel te laat achter bepaalde zaken kwam (zoals de problemen bij A.I.G.), maar is dat niet inherent aan een regering die er prat op gaat zo weinig mogelijk regels op te leggen aan het bedrijfsleven..?

Nu maar hopen dat ze er iets van geleerd hebben…

IMDb: http://www.imdb.com/title/tt1742683

P.S. Oh ja, qua geloofwaardigheid: de film is gebaseerd op het boek van Andrew Ross Sorkin, o.a. financieel columnist van The New York Times, en schijnbaar geen familie van Aaron Sorkin (schrijver van o.a. The Social Network en Moneyball).

Reageer met je Facebook-account

Geef een reactie