Café Society (2016)

23 augustus 2016

Café SocietyWat me het meest opviel bij deze nieuwe van Woody Allen zijn de prachtige gestileerde shots van meester-cameraman Vittorio – Last Tango in Paris, Apocalypse Now – Storaro. Daarnaast straalt Blake Lively als een malle, is Steve Carrell openhartig levendig, acteert Kirsten Stewart functioneel overduidelijk en waagt Jesse Eisenberg zich aan de ‘verplichte’ Allen-rol in een versie die Allen zelf nooit kon spelen.
En ondanks dat dit weer een welbekende ‘slice-of-tragic-life‘ van Allen is, begréép ik meer wat Allens thematische bedoeling is, dan dat ik het vóelde. Of is dat juist een gruwelijk compliment, dat Allen z’n grootse thematiek zo alledaags laat aanvoelen?

Het verhaal
Bobby Dorfman (Eisenberg) wordt niet echt gelukkig van z’n werk in z’n vaders juwelierszaak in Brooklyn, en aangezien z’n oom Phil Stern (Carrell) een top-agent is in het Hollywood van de jaren 30 van de vorige eeuw, besluit Bobby z’n geluk te gaan beproeven in Tinseltown. Daar aangekomen merkt hij al dat Stern nogal een drukbezet en energiek baasje is, die continu deals aan het sluiten is met grote namen als Ginger Rogers, Judy Garland, e.v.a. Daarover wordt vooral heel veel gepraat, en dat is precies waar Bobby nogal snel doorheen ziet. Daarin vindt hij een fijne chemie met Vonnie (Stewart), de zeer behulpzame secretaresse van oom Phil.

Helaas heeft deze Vonnie een wat obscuur klinkende vriend, maar al snel wordt onthuld dat ze enkel zo mysterieus over hem doet, omdat het in werkelijkheid oom Phil is. Natuurlijk een bijna klassieke Allen-driehoeksverhouding, waarin Bobby de hopeloze en sullige romanticus is, en Stern de wat zakelijkere big shot, die toch aardig/opvallend open is over z’n gevoelens. Ook tegen Bobby, omdat een deel van de komedie in deze film daarop gestoeld is. Als Vonnie echter voor Stern kiest, keert de gedesillusioneerde Bobby terug naar Brooklyn, waar de film eigenlijk een beetje opnieuw begint. Bobby krijgt een baan als gastheer in de nachtclub van z’n criminele broer Ben (Corey – House of Cards, Ant-Man – Stoll), ontmoet de prachtig stralende Veronica (Lively) en lijkt daar eigenlijk zeer gelukkig mee te worden.
En dan komt na jaren oom Phil langs in de club, met z’n vrouw Vonnie…

Café Society-recensie: ogenschijnlijk een wat tussendoortje, maar deze nieuwe van Woody Allen blijft toch aardig hangen...

Dromen
Allen speelt in Café Society nogal met onze verlangens en dromen, en daarin herkende ik nogal wat dingen. De tragiek van een onmogelijke liefde, hoe je daar in je hoofd iets overweldigend prachtigs van kunt maken, wat mogelijk helemaal niet strookt met de werkelijkheid, et cetera. Maar terwijl ik die vorige zin typte voelde ik ook direct dat dit mijn interpretatie is, die mogelijk helemaal niet strookt met jouw werkelijkheid. Als in: Allen werkt eigenlijk best geweldig met zaken die bedrieglijk alledaags/normaal/herkenbaar aanvoelen, maar die wel degelijk over ‘grotere’ zaken gaan. Nu is het natuurlijk ook des Allens om vooral heel veel te praten over bijvoorbeeld zo’n irrationele alles-overweldigende liefde, en mogelijk is het ook wel mijn gewenning aan dramatische overdrijvingen, dat ik het daarom wat jammer vond dat ik het meer leek te begrijpen dan te voelen. Als in: heb ik zo’n dramatische punch nodig om écht geraakt te worden? En terwijl ik dat typ, schieten Slavoj Zizeks woorden uit The Pervert’s Guide to Cinema door m’n hoofd: “Cinema is the ultimate pervert art. It doesn’t give you what you desire – it tells you how to desire.” Zou ik me daarbij aan willen sluiten, dat we door (de overdrijving in) kunst/film beter ‘leren’ hoe te verlangen/voelen..?

Cast
Eisenberg is natuurlijk een bijna ideale keuze voor de hoofdrol in een Allen-film, waarvan je eigenlijk altijd wel voelt dat hier een zeer groot deel van de maker zelf in zit. Het wat zenuwachtige en vele gepraat toonde hij onder andere al in The Social Network en The End of the Tour, en met het wat sullige ontwapenende brak hij ooit door in Roger Dodger. Combineer die zaken en je komt bij een karakter dat Allen altijd graag zelf neerzet. Mogelijk ziet hij zichzelf zo wel het liefste, als een intellectueel die vanwege z’n zelfbewuste houding de mooiste vrouwen weet te imponeren door ze te ontwapenen met een onverwachte maar goed onderlegde eerlijkheid. En terwijl ik dat typ kan ik niet ontkennen dat daar mogelijk ook wel weer wat projectie in zit, to be honest. Wat ik overigens in de intro-alinea bedoelde met dat Allen die rol zelf nooit kon spelen, is dat Eisenberg wél een sociaal lovable karakter neer kan zetten, iets waar Allen de uitstraling toch niet echt voor heeft.
Wat ik zei over Stewarts acteren is dat haar karakter in de film duidelijk wat rollen speelt, passend bij de situatie waarin ze zich begeeft. Leuk contrast met het mislukken van haar karakters droom om actrice te worden overigens. Dat wrong wel een paar keer lichtjes bij me, maar in hoeverre dat kwam doordat dit ten koste ging van het karakter waarmee ik meevoelde, dat weet ik niet zeker. Lively, die ik vorige week nog zag in The Shallows, schittert wel degelijk in haar kleine rol als tweede liefde van Bobby. Grappig juist dat zij als hedendaags ‘schoonheidsideaal’ juist geen actrice speelt, in een film die zo’n 80 jaar geleden gezet, maar een Café Societyvrouw die graag thuis zit bij haar kindje. Terwijl ze dus wel van het scherm spat in de paar scènes die ze heeft.

Final credits
Tijdens het schrijven van deze recensie is m’n waardering voor Allen en deze film overigens gegroeid. Toen ik m’n aantekeningen maakte, voelde ik ergens dat je aan Café Society wel kunt zien dat Allens drang om elke jaar een film te móeten maken soms ook wat ‘tussendoorfilms’ oplevert (en dat deze dat dan ook was), maar daarmee zou ik Allen flink tekort doen. Die tussendoorfilm-redenatie zou ik dan onderbouwd hebben met dat ik z’n vorige twee films – Magic in the Moonlight en Irrational Man – ook nog eens niet gezien heb, maar nu ik wat langer over Café Society heb kunnen/moeten nadenken, heb ik eigenlijk wel zin om deze vorige twee toch maar snel eens te gaan kijken.
Ja, in een jaar dat er meer wordt teruggegaan naar de klassieke Hollywood-jaren (denk aan Hail, Caesar! en Trumbo) gebruikt Allen die best ideale context juist om te tonen dat dromen slechts dromen zijn. Althans, dat trachten onze hoofdrolspelers zichzelf wijs te maken…

IMDb: http://www.imdb.com/title/tt4513674

Reageer met je Facebook-account

Geef een reactie

Previous Post
«
Next Post
»