Trumbo (2015)

9 april 2016

Wat het meest opvallende aan Trumbo is weet ik nog niet zo goed. Is het dat dit serieuze (maar bij vlagen ook scherp-humoristische) drama gemaakt is door de man die ooit Austin Powers maakte? Of is het dat ik als filmfreak nog nooit van de naam Dalton Trumbo had gehoord, terwijl hij toch één van Hollywoods meest succesvolle scenaristen aller tijden is geweest?
Wat overigens totaal niet opvallend is, is dat hoofdrolspeler Bryan – Breaking Bad, Drive – Cranston een Oscarnominatie ontving voor de titelrol als scenarioschrijver in Hollywood, die zich in de jaren 40 van de vorige eeuw vanwege vrij legitieme redenen een communist noemde. Hij was echter te intelligent om z’n gedachtegoed zomaar te verkwanselen omdat het communisme impopulair werd, toen de VS na WOII in de Sovjet-Unie een nieuwe vijand vond en op communistenjacht ging. En ja, het is niet al te lastig om links met onze huidige tijd te leggen.

Het verhaal
Na een subtiel begin blijkt al vrij snel dat Dalton Trumbo’s ideeën over eerlijke betalingen voor iedereen in de filmcrew door menig hooggeplaatst lid van de Hollywood-elite met argusogen wordt bekeken. Eind jaren 40 had Amerika weer een nieuwe vijand nodig (je moet toch een reden hebben om veel te investeren in defensie?) en die vonden ze makkelijk in het communisme. Waar eind jaren 30, begin jaren 40 juist nog best wat Amerikanen hadden gekozen lid te worden van de communistische partij, juist vanwege de sociale gelijkheid die communisme in pure vorm nastreeft, daar begon dat dus ineens een probleem te worden voor Trumbo. Samen met negen andere Hollywood-scenaristen werd hij gedagvaard om te getuigen voor de House Committee on Un-American Activities; een commissie, opgezet door een overijverig congreslid. De zogenaamde “Hollywood Ten” kozen daarna, onder leiding van Trumbo, om de vragen van de commissie juist niet te beantwoorden, om zo aangeklaagd te worden voor minachting, maar wat dan in hoger beroep, bij het Hooggerechtshof, vrijwel zeker zou worden weggewuifd, waarmee die House Committee ook direct opgedoekt zou worden.

Helaas ging het, door de dood van een paar progressieve rechters in dat hooggerechtshof, net wat anders, en moeten Trumbo en een aantal van z’n vrienden de bak in. Als hij daaruit komt, krijgt ie nergens in Hollywood meer werk, behalve bij een wat louche productiemaatschappij, gerund door Frank King (John – 10 Cloverfield Lane – Goodman). Onder pseudoniemen schrijft hij B-filmscript na B-filmscript, totdat hij ook een keer een goed script schrijft voor een film die daarna meteen een Oscar wint. Langzaam worden de geruchten, dat Trumbo zich om de zogenaamde blacklist weet heen te werken, steeds sterker, en dat laten z’n tegenstanders natuurlijk niet zomaar gebeuren. Een subtiele strijd van vooral woorden ontbrandt nogmaals, en dat leidt uiteindelijk tot een zeer mooie conclusie, waarmee Trumbo ook direct aangaf dat hij inderdaad veel te intelligent was om zich zomaar aan te passen aan de richting waarin de publieke opinie met wat voor motieven dan ook gemanipuleerd werd…

Trumbo-recensie: de Oscargenomineerde Cranston voert topcast aan in deze must-see voor serieuze filmfreaks...

Rijkgevuld
En daarmee is Trumbo dus ook de serieuzere versie van een subplotje in Hail, Caesar!. Het karakter dat in die laatste van de Coen broers in tweeën is gesplitst door Tilda Swinton, de columniste Hedda Hopper, wordt hier gespeeld door Helen Mirren. Samen met John Wayne (!) leidde zij een beetje de particuliere kant van de heksenjacht op communisten in die tijd, en van die Hollywood-grootheden was het lastig winnen. Maar laat de politieke kant van deze film je niet tegenhouden om ‘m te gaan zien hoor, want zeker voor filmfreaks is het geweldig ontdekken bij welke films deze Trumbo eigenlijk allemaal betrokken is geweest, voornamelijk onder pseudoniemen. En dat is volgens mij ook bewust een beetje als puzzel in het scenario verwerkt, evenals een mooie laag over de frustraties die je als schrijver wel eens kunt voelen. Ik herkende dat wel, alhoewel ik me never nooit niet durf te spiegelen aan zijn kwaliteiten en vooral ook zijn schrijfsnelheid. Maar in die frustratielaag zit ook een groot deel van de spanning van de film, want hoe zijn gezin onder dit allemaal geleden heeft, dat wordt niet buiten beeld gelaten…

Cast & crew
En dat ik nog eens niet genoemd heb dat z’n vrouw gespeeld wordt door de geweldige Diane Lane, en z’n bijna-volwassen dochter richting het eind van de film door Elle – Somewhere – Fanning, dat is pas een tweede tipje van de sluier inzake de grote hoeveelheid grote namen in deze film. Want dat ik John Goodman hierboven noemde slaat eigenlijk nergens op, want hij heeft echt maar een bijrol. Louis C.K. heeft een veel grotere rol als één van Trumbo’s partners-in-crime. Omdat hij zo’n uitgesproken komiek is vond ik het wel lastig om hem direct in zo’n rol te zien, maar hij heeft uiteindelijk wel een paar van de mooiste scènes met Cranston. Alhoewel Mirren ook erg goed is als venijnige communistenjager. Ik wist niet dat John Wayne zo’n belangrijke rol had in diezelfde jacht, en hij wordt hier heerlijk dominant neergezet door David James Elliott, waarvan ik net pas ontdekte dat ik hem van de TV-serie JAG herkende. Eén van de belangrijkste bijrollen, die van acteur Edward G. – Double Indemnity, Soylent Green – Robinson, wordt gespeeld door iemand die ik in Seven Psychopaths nog verwarde met Joaquin Phoenix: Michael Stuhlbarg. Maar waar jij hem het ‘waarschijnlijkst’ van kunt herkennen zijn A Serious Man en als één van de Andy’s in Steve Jobs.
Zoals ik al zei: Jay Roach maakte ooit zelfs de eerste drie Austin Powers-films, maar ook Meet the Parents én Meet the Fockers. Daarna viel hij humortechnisch wel aardig door de boot met Dinner for Schmucks, maar toen had hij zich eigenlijk al wat meer toegelegd op wat kritischere films als Recount en Game Change. Met The Campaign lukte het hem niet om z’n komedies en politiek geëngageerde films succesvol te combineren, maar daar slaagt ie hier dus wel behoorlijk goed in. Al is dit natuurlijk wel voor 98% een serieus drama, gebaseerd op iets wat dan mogelijk wel zo’n 70 jaar geleden afspeelde, maar nog altijd urgent aanvoelt. Bruce Cooks boek, waarop de film gebaseerd is, is overigens naar het witte scherm vertaald door John McNamara, die vooral bekend is als schrijver van TV-series. En als ik eerlijk ben: Trumbo is zó rijkgevuld dat dit ook makkelijk een TV-miniserie had kunnen worden ja.

Final credits
Want ik heb nog helemaal niet verteld hoe authentieke beelden van de echte hoorzittingen in die tijd door de film zijn verwerkt. En dat je daarin bekende koppen als die van een jonge Ronald Reagan voorbij ziet komen. Maar op voor filmfreaks onmisbare wijze zitten er ook veel grote namen in de film verwerkt, waarbij ik enkel Kirk Douglas en Otto Preminger zal noemen. De rest mag je zelf ontdekken…
Want dat ik deze film vooral aan liefhebbers van film en de geschiedenis van Hollywood aan wil raden, dat is hopelijk wel duidelijk na bovenstaande recensie. Daarnaast biedt de film ook meer dan voldoende voor politiek-geïnteresseerde kijkers, en liefhebbers van scherpe dialogen over ‘vrijheid’ – in de breedste zin van het woord – zullen ook met een goede glimlach de bioscoopzaal verlaten, verwacht ik zo.

IMDb: http://www.imdb.com/title/tt3203606

Reageer met je Facebook-account

Geef een reactie

Previous Post
«